Beleggen brengt risico’s met zich mee РStadsarchief Delft
Inschrijvingsbiljet voor een aandeel van 1000 gulden in de nog op te richten Gistfabriek, 1868 (Archief 188 inv.nr 1)

Inschrijvingsbiljet voor een aandeel van 1000 gulden in de nog op te richten Gistfabriek, 1868 (Archief 188 inv.nr 1)

Nog geen vijfentwintig jaar na de start is de Gist- en Spiritusfabriek al niet meer uit Delft weg te denken, ca. 1892 (TMS 1056)

Nog geen vijfentwintig jaar na de start is de Gist- en Spiritusfabriek al niet meer uit Delft weg te denken, ca. 1892 (TMS 1056)

12 april 2019:

Beleggen brengt risico’s met zich mee

Rendementen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Bij het zien van dit lege inschrijvingsbiljet voelt dat als een wat misplaatste waarschuwing. Stel dat je indertijd het geld had gehad om hierin mee te gaan…

In december 1868 gaat Jacques van Marken de boer op om zijn plannen voor een gistfabriek te verwezenlijken. De in Delft afgestudeerde technoloog (scheikundige) bereidt zich goed voor. Hij biedt een degelijke prospectus aan en weet zich omringd door de juiste mensen die hem met raad en daad willen bijstaan. En met geld. Van Marken kan immers niets uitrichten als hij niet genoeg aandeelhouders weet te werven. Zijn verhaal slaat aan. Broodfabrikant F.W. van der Putten, de aan de familie Van Marken gelieerde bankiersfirma R. Mees & Zonen en bijna honderd particuliere aandeelhouders leggen samen 150.000 gulden in.

In het eerste jaarverslag legt Van Marken verantwoording af. Hij is in 1869 in Oostenrijk en Hongarije geweest waar hij de modernste gistfabrieken bezocht. Vervolgens kocht hij een weiland bij de Lepelbrug nabij Delft, is een aannemer aan het werk gezet en ging er geld naar inventaris als stoomketels, koelbakken, molenstenen, een stoommachine, vaatwerk voor de gisting en een reservoir voor de spiritus. Van het startkapitaal is aan het eind van het jaar nog 25.000 gulden over, genoeg om grondstoffen in te slaan.

Op 20 april 1870 produceert de fabriek de eerste droge gist, maar wordt nog voornamelijk op het kapitaal ingeteerd. Het duurt tot 1875 voordat de aandeelhouders dividend ontvangen: vijf procent. Een keurig rendement en – niet onbelangrijk – dit is nog maar het begin. De Gist- en Spiritusfabriek groeit uit tot een internationaal opererend concern met continu stijgende winsten. Die eerste aandelen zijn binnen de kortste keren goud waard. Behalve dan dit ene aandeel, want dat is ongebruikt in het Stadsarchief beland.

Inloggen
Share
Tweet
Share