Grootse plannen – Stadsarchief Delft
De noordelijke dwarsbeuk van de Oude Kerk. Johannes Jelgerhuis, 1819 (TMS 64819)

De noordelijke dwarsbeuk van de Oude Kerk. Johannes Jelgerhuis, 1819 (TMS 64819)

Oorkonde waarin Dirck Adamszoon van der Burch wordt benoemd tot hofkapelaan, 1515 (Archief 444, inv.nr 81, charter 6805)

Oorkonde waarin Dirck Adamszoon van der Burch wordt benoemd tot hofkapelaan, 1515 (Archief 444, inv.nr 81, charter 6805)

20 januari 2019:

Grootse plannen

De noordelijke dwarsbeuk van de Oude Kerk ziet eruit alsof hij er eigenlijk niet bijhoort. De rest van de kerk is relatief laag en gebouwd in sobere baksteen. Maar dit gedeelte is hoog, met grote gotische vensters en veel versiersels. En bovenal: opgetrokken in dure, lichte natuursteen. Er lagen plannen om de hele kerk in dezelfde stijl te verbouwen. Waarom is dat eigenlijk nooit gebeurd?

Rond 1500 was er sprake van religieuze hoogconjunctuur. Delft had twee grote parochiekerken met elk tientallen altaren. Ongeveer honderdvijftig priesters konden hier een goede boterham verdienen met missen en andere plechtigheden, in dienst van de kerken, broederschappen, gilden of rijke families.

In 1503 ontstond in de Oude Kerk een cultus rond een beeld van Onze Lieve Vrouwe van Zeven Smarten. Deze devotie werd gestimuleerd door hertog Filips de Schone, die hoopte met een ‘nationale’ Mariacultus het gevoel van eenheid in de Nederlanden te bevorderen. De Delftse voorvechter was Dirck Adamszoon van der Burch, vice-pastoor van de Oude Kerk. Hij rapporteerde in brieven aan het hof welke wonderen hier gebeurden en hoe de devotie gedijde. Van heinde en verre kwamen pelgrims af op speciale missen, preken en processies. Mede dankzij hun vrijgevigheid konden de kerkmeesters de beroemde Mechelse architect Rombout Keldermans inhuren voor grootse verbouwingsplannen. Zij wilden de hele kerk geleidelijk ombouwen in natuursteen, als een heuse kathedraal. Begonnen werd met de noordelijke dwarsbeuk, want daar stond het beeld van Maria dat zoveel geld in het laatje bracht. In 1515 werd Filips de Schone opgevolgd door zijn zoon, de latere keizer Karel V. Hij verleende Dirck de eretitel van hofkapelaan als dank voor zijn inspanningen ten behoeve van de cultus.

Maar de tijden waren al aan het veranderen. De ideeën van Luther en andere hervormers sijpelden door in de Nederlanden. Volgens hen ging de Rooms-Katholieke Kerk ten onder aan uiterlijkheden en onbekwame en inhalige geestelijken. Luther wilde terug naar de basis: het geloof, de Bijbel en Gods genade. Deze denkbeelden sloegen aan en gelovigen werden terughoudend om bij te dragen aan steeds grotere en steeds rijker versierde kerken. Omstreeks 1520 viel de verbouwing van de Oude Kerk stil door geldgebrek. De kolossale noordbeuk aan de verder zo sobere kerk markeert het einde van het rijke roomse leven van de Middeleeuwen.

Inloggen
Share
Tweet
Share