Vuilbrieven – Stadsarchief Delft
Een vuilbrief voor Carel Jacobsz van Delft, 25 juli 1648. (Archief 447, inv.nr 2086)

Een vuilbrief voor Carel Jacobsz van Delft, 25 juli 1648. (Archief 447, inv.nr 2086)

19 april 2019:

Vuilbrieven

Het is nauwelijks voor te stellen wat er door de Carel Jacobsz van Delft heen ging toen hij op 25 juli 1648 dit document in ontvangst nam. Het moet hebben gevoeld als een vonnis: nu stond onomstotelijk vast dat hij melaats was en werd verstoten uit de maatschappij.

Melaatsheid, lepra of lazarij – het zijn allemaal aanduidingen voor dezelfde aandoening. Wie eraan leed, werd gezien als een gevaar voor anderen en mocht daarom niet meer deelnemen aan het sociaal verkeer. Maar leprozen werden niet aan hun lot overgelaten. Dat was misschien te danken aan het Evangelieverhaal dat Jezus gebruikte om mensen aan te sporen tot barmhartigheid. Hij vertelde hoe een schatrijke man de melaatse Lazarus negeerde toen die om een aalmoes vroeg. Maar na hun dood waren de rollen omgekeerd: Lazarus kwam in de hemel, de rijke man in de hel.

De diagnose of iemand aan melaatsheid leed, kon in Holland maar op één plek worden gesteld: in de Sint-Jacobskapel bij Haarlem. Zogenaamde schouwmeesters beoordeelden potentiële patiënten die naar hen werden doorverwezen of uit eigen beweging kwamen. Dat laatste kwam namelijk ook voor: wie door anderen werd verdacht van besmetting, kon in Haarlem laten vaststellen dat het niet ging om melaatsheid. Het Stadsarchief bezit twee zogenaamde schoonbrieven uit 1621 waarmee Elsje en Elyas Thomas uit Delft konden bewijzen dat zij niet waren besmet.

Carel Jacobsz was minder gelukkig. Hij kreeg een vuilbrief, waarin precies stond waaraan hij zich voortaan te houden had. Hij moest als herkenningstekens een grote schelp, een zogenaamde lazarusklap, op de borst dragen en een zwarte hoed met een witte band erom. Verder moest hij met ‘vliegers’ ofwel kleppers anderen waarschuwen voor besmettingsgevaar. Het goede nieuws was dat hij op vertoon van deze vuilbrief onderdak kon krijgen in een leprooshuis en mocht bedelen om in zijn onderhoud te voorzien.

Tegenwoordig is bekend dat niet iedere vorm van lepra besmettelijk is. Ook kan de ziekte nu prima worden bestreden met antibiotica. Bij tijdige behandeling is de patiënt binnen enkele maanden genezen. Dat was in de tijd van Carel nog ondenkbaar, dus voor hem betekende de vuilbrief levenslang – en hij was pas negen….

Inloggen
Share
Tweet
Share
+1