Technische Hogeschool weer open – Stadsarchief Delft

Technische Hogeschool weer open

15 september 1945

De aanloop is groter dan ooit: ruim 4.000 studenten staan klaar om bij de op 17 september heropende Technische Hogeschool (TH) aan de slag te gaan. Voor de eerstejaars is alles nieuw, voor de ouderejaars is er het nodige veranderd. Minstens 180 studenten en docenten hebben de oorlog niet overleefd. En liefst 877 medestudenten zijn voorlopig nog niet welkom. Dat doet de sfeer geen goed. Studenten zijn achterdochtig naar hun docenten en ook het onderlinge wantrouwen is groot. Het draait daarbij om één vraag: heb je getekend of niet?

Loyaliteitsverklaring
Het ongemak voert terug op een Duitse maatregel uit 1943. Studenten moeten in dat jaar een loyaliteitsverklaring tekenen om door te mogen gaan met hun studie. De weerstand is groot, maar er zijn studenten die om uiteenlopende redenen toch tekenen. De zogenoemde ‘omkletsploegen’ krijgen hen niet zover om te weigeren. In Delft tekent 25% van de studenten. Alleen zij mogen blijven; de rest moet verplicht naar de arbeidsinzet in Duitsland of duikt onder.
De verklaring blijkt een splijtzwam tijdens de oorlog, maar zeker ook daarna. Studenten die principieel weigerden, hebben een grote studievertraging opgelopen. Het is voor hen niet te verteren dat wie wel tekende daar nu voordeel van heeft. Een zuiveringscommissie bepaalt daarom in augustus 1945 dat je je alleen mag inschrijven als je niet vrijwillig in Duitsland hebt gewerkt, geen lid van de NSB was én geen loyaliteitsverklaring hebt getekend. Uitsluiting van de studie is anders het gevolg: de duur daarvan hangt onder meer af van het moment van ondertekenen. In het hele land worden 2381 studenten enige tijd uitgesloten, waarvan 877 in Delft.

Hier draait het allemaal om: de loyaliteitsverklaring die studenten in 1943 moesten ondertekenen. (Verzetsmuseum Amsterdam)

Goede vaderlanders
Nog voordat de TH heropent, lopen de emoties al hoog op. Een groep ‘studentteekenaars’ protesteert omdat zij juist hadden getekend om te kunnen blijven studeren en dus niet in Duitsland – voor de oorlogsindustrie – kwamen te werken. Ook zijn er studenten die tekenden om hun illegale werk te kunnen blijven doen. De Commissie der Delftsche studententeekenaars zoekt medestanders via de brochure Ander inzicht en het blaadje Tegenstroom. Zij houden onder andere een bijeenkomst in Rotterdam waar student J. Meijlink jr. een betoog houdt tegen de hetze die zich tegen hen gekeerd heeft. Ze menen ‘als goede vaderlanders gehandeld te hebben’ en worden nu ‘als paria’s’ uitgesloten. Uiteindelijk weigeren 370 Delftse tekenaars voor de zuiveringscommissie te verschijnen. Hun belangrijkste argument: de Delftse hoogleraren, verzameld in de Senaat, hebben nota bene in 1943 advies gegeven om die krabbel wél te zetten.
Die hoogleraren liggen zelf ook onder vuur. De Technische School is niet voor niets al sinds 25 mei gesloten. Leden van het College van Curatoren, waaronder NSB-burgemeester A. van Leijenhorst, zijn direct na 5 mei al gearresteerd. Een speciaal in het leven geroepen College van Herstel buigt zich over de te nemen maatregelen. Begin september luidt het oordeel dat het docentenkorps een ‘tekort aan kracht en fierheid’ verweten kan worden. Dat leidt uiteindelijk tot zes geschorste en tien gestaakte medewerkers. In voormalige verzetskringen wordt hier smalend op gereageerd; studenten mijden de eerste maanden colleges van docenten die volgens hen onterecht zijn aangebleven.

Rector-magnificus H.J. van der Maas bij de officiële heropening van de TH in de Stadsdoelen, 17 september 1945. (foto Tiemen van der Reijken, 99980)

Smet
Op vrijwel alle universiteiten spelen vergelijkbare problemen. In Delft gaat het er wel het felst aan toe, omdat alleen hier de Senaat adviseerde te tekenen. Het percentage tekenaars, 25%, is hier dan ook beduidend hoger dan het landelijke gemiddelde (14%). Daar komt nog eens bij dat Delft een grote groep verzetslieden onder de docenten- en studentenpopulatie telt; de verhoudingen staan continu op scherp.
De Senaat laat begin november in een verklaring weten dat hun advies niet juist was en verzoekt om rekening te houden met de ontstane situatie voor de tekenaars. Die clementie komt niet meteen. De Tweede Kamer stelt in 1947 voor de studentenzuivering te beëindigen, iets dat formeel pas in de jaren ’50 zijn beslag krijgt. De onderlinge argwaan is dan wel geweken, maar het ongenoegen blijft. Tekenaars hebben de veroordeling soms levenslang als een onnodige smet gevoeld.

Voordat studenten van de TH aan de wederopbouw kunnen beginnen, moet er worden puingeruimd. Het gevaarlijke werk daarbij komt voor rekening van Duitse krijgsgevangenen. Daarover meer in het volgende Bevrijdingsbulletin – vanaf 22 september op de website.

Ga hier naar alle Bevrijdingsbulletins.

Inloggen
Share
Tweet
Share