Zwaar geschut – Stadsarchief Delft
Tekening van de geschutkraan op de kade voor het Meisjeshuis door Abraham Rademaker, circa 1730 (TMS 57829)

Tekening van de geschutkraan op de kade voor het Meisjeshuis door Abraham Rademaker, circa 1730 (TMS 57829)

Tekening van de geschutkraan aan de Scheepmakerij door Isaak van der Star, 1751 (TMS 68961)

Tekening van de geschutkraan aan de Scheepmakerij door Isaak van der Star, 1751 (TMS 68961)

6 maart 2019:

Zwaar geschut

Willem van Oranje vestigde zijn hoofdkwartier niet voor niets in Delft. De stad beschikte over een omwalling, muren en poorten, lag ver achter de linies en had goede verbindingen over land maar vooral over water. Om precies dezelfde redenen stichtten zowel de Staten van Holland als de Staten-Generaal van de Republiek arsenalen in Delft. Het oorlogstuig lag hier veilig, maar kon in geval van nood toch snel worden getransporteerd naar plaatsen waar het nodig was.

De magazijnen van het gewest Holland werden in 1601 geconcentreerd op de Geer, in het Armamentarium. De stad stelde gratis grond beschikbaar en betaalde een derde van de bouwkosten. Het mocht wat kosten, want behalve prestige en een veilig gevoel leverde de aanwezigheid van zo’n arsenaal ook werkgelegenheid op. Steeds meer zelfs, want in 1660 werd het Armamentarium uitgebreid en in 1692 werd het nog eens meer dan twee keer zo groot.

De Generaliteit had magazijnen in het voormalige Sint-Barbaraklooster en de kapel van het Meisjeshuis, beide aan de Oude Delft. Maar het bleef niet bij opslag. In 1679 huurden de Staten-Generaal een deel van de Houttuinen voor de fabricage van zogenaamde affuiten, zware houten onderstellen voor kanonnen. Die kanonnen werden gegoten in de landsgeschutgieterij in Den Haag, vervolgens naar Delft vervoerd en hier op affuiten geplaatst en opgeslagen. Dit was de basis voor de later zo belangrijke Constructiewerkplaatsen.

Het transporteren van oorlogsmaterieel was letterlijk zwaar werk. Bij het Armamentarium stond een kraan voor het in- en uitladen van geschut. Ook op de kade voor het Meisjeshuis stond er een, zo blijkt uit een tekening van Abraham Rademaker van omstreeks 1730. Op de aquarellen van het Meisjeshuis uit 1769 komt hij echter niet meer voor. Het is verleidelijk een verband te leggen met de tekening die Isaak van der Star in 1751 maakte voor een geschutkraan. Die moest een plaats krijgen ten zuiden van de Scheepmakerij, waar de Staten-Generaal een terrein kochten voor een nieuw arsenaal en een salpeterloods. Of hij ooit gebouwd is, staat niet vast, maar de tekening is er niet minder fraai om.

Inloggen
Share
Tweet
Share